Archief voor de ‘in de tuin’ Categorie
Pindakaas.
Een aanrader in de tuin. Velen van jullie doen dat al en weten dus dat het veel plezier oplevert, voor jezelf maar ook voor vele vogels.

Ik hang niet een hele pot pindakaas op, maar doe een paar lepels mengen met havermout of strooivoer. Zo blijft het toch nog een beetje gezond, en ze zijn er gek op.
Het bakje hangt op een plek waar ook een tak zit, zodat vogels die niet gaan hangen er ook wat aan hebben, zoals de roodborst, eksters EN … een grote bonte specht.

Als zo meteen de winter echt aanbreekt verwacht ik nog wel meer liefhebbers. En dat gaat dan natuurlijk nog veel meer leuke foto’s opleveren.
Een heel mooie rups kwam ik vandaag tegen in de tuin.

Een typische rups die nu in de herfst veelvuldig gezien wordt. Ik had hem echter nog nooit voor de lens gehad tot vandaag. Het is een Meriansborstel.

Deze heeft een vreemd kleurtje .. aan de rozige kant. Normaal zijn ze geel/wit achtig.

Aangezien het een flink behaarde rups is, is zijn aangezicht behoorlijk kaal.
Waar de behaarde vogelnestjes op zijn rug voor dienen? Geen idee.

Een mooie rups … de nachtvlinder die er uit voortkomt is heel wat minder mooi.
We kennen ze allemaal, van die kleine springspinnetjes.
De bekendste zijn de zwartwitte zebraspringspin en de bruine versie, schorsmarpissa. Maar wisten jullie dat deze kleine beestjes de beste ogen hebben van alle geleedpotigen?

Het visueel systeem van springspinnen is het hoogst ontwikkeld van alle soorten spinnen en wellicht zelfs van alle geleedpotigen. De ooglens van de voor-middenogen is van goede kwaliteit en maakt scherpe afbeeldingen op het netvlies, dat vier lagen lichtgevoelige cellen bevat die voor licht van verschillende golflengten gevoelig zijn, waarbij de cellen voor de langste golflengten (die het minst worden gebogen door de lens) ook het verst van de lens af liggen. Springspinnen kunnen hun netvlies bewegen met een stelsel van een zestal spiertjes, waardoor het gezichtsveld van de voormiddenogen veel groter wordt dan het anders zou zijn (van ca 10 naar bijna 60 graden). Hoe goed springspinnen zien blijkt ook uit het feit dat ze op 20-30 cm afstand soortgenoten van andere soorten spinnen kunnen onderscheiden. (Bron, Wikipedia)

Er bestaan meer dan 5000 soorten springspinnen, maar in Nederland komen zo’n 41 soorten voor, waarvan bovengenoemden het meest bekend zijn.
Ze maken geen web, maar gebruiken bij hun sprong wel een ragdraadje als zekering.
Het weer is een stuk beter geworden en dat is te merken.
Eerst waren er maar weinig vlinders, maar inmiddels zijn er toch verschillende soorten aanwezig. Drie soorten witjes, dagpauwoog, atalanta, distelvlinder, boomblauwtje en … hieronder op de foto, bont zandoogje.

En een bruin zandoogje.

Ook volop libelles. Zowel de paardenbijter als blauwe glazenmaker, heel veel juffertjes en grote keizerlibel.
Hieronder twee close-ups van een bruin-rode heidelibel.

Mijn ervaring is dat heidelibelles het makkelijkst te benaderen zijn van allemaal.
De laatste foto is genomen van een kleine 5 cm afstand.

Mag ik even klagen? Sjonge, wat een hitte … eerst een week lang regen en nu veel te heet om te wandelen.
Daarom maar eens een wandelingetje door de tuin … zoals jullie zien, een prima beestjestuin, niet te netjes.

Met al die regen vorige week zocht ik een bezigheid.
Ik had nog een stapel oude pallets liggen, en daarmee ben ik begonnen een bijen/wespen hotel te bouwen. (Later meer hierover)

Het valt nog niet mee, heel veel gaatjes boren en latjes zagen. En de kast is nog niet voor de helft gevuld.
Maar zoals ik al zei … het is veel te heet om iets te doen, dus ik wacht op regen uhum.

Alles is de laatste weken enorm gegroeid. Perfect weer voor onkruid en struiken.

Een rondje om één van de vijf vijvers levert van alle kanten leuke plaatjes op.

Heel veel juffers zijn hier druk in de weer, en kikkers vinden het hier ook gezellig.
Tenslotte nog een blik op de achterkant van ons huis.
