Archief voor de ‘limburg’ Categorie
Na een maand niet gewandeld te hebben, was afgelopen zondag dan toch een keertje de gelegenheid daar. Eindelijk zag het er buiten een beetje aantrekkelijk uit met geregeld de zon en geen wind. Een frisse neus halen, dat was het doel.
Bij Watersley was het stil … geen wandelaars, ondanks prima weersomstandigheden.

Maar niet alleen wandelaars waren afwezig, ook was er totaal geen wildlife te zien. Alleen maar wat kraaien. Vreemd, ik verwachte nu toch wel al flink wat vogels alhier.
Ik loop het crossfietspaadje omhoog naar de Kollenberg en ook daar geen mensen. Maar ja, dat vind ik helemaal niet erg … voor mij mag het altijd zo rustig zijn.
Op het bankje zittend kijk ik even over het uitgestrekte weide/wijde landschap.

Waar zijn de buizerds, de blauwe kiekendieven, reigers? En al die kneutjes en gorzen dan?
Niks … wat is er loos? Ik weet het niet, maar dit is een beetje saai. Snel terug naar de auto en ik besluit naar Puth te rijden. 3 Kilometer hier vandaan, ik heb gehoord dat er alweer grauwe gorzen gespot zijn.
Mijn eerste uitzicht is de Kollenberg heel in de verte, waar ik zojuist nog gewandeld heb.

Er zijn geen grauwe gorzen te vinden, een paar groenlingen en vinken is al wat ik zie.
Iets verderop zag ik een half jaartje geleden een steenuil, daar dan maar eens gaan loeren.
Helaas, ook niks te zien. Ondertussen is er bewolking komen opzetten en wordt het landschap weer donker.

Geen succes vandaag, alleen een frisse neus heeft me opgepept.
Naar het dorpje Puth kijkend … Tegen de zakkende zon in, lijkt het wel in brand te staan. Ook al is het pas kwart over drie … Het lijkt wel avond.

Deze keer blijft het bij landschapsfoto’s. Hopend op wat leukers wacht ik af wat de winter brengen gaat.
Helaas voor een aantal van jullie, de beestjes die hier nu getoond worden zijn alleen in de zuidelijke helft van Nederland te vinden. Tenminste, vooralsnog wel.
De klimopbij is wel bezig steeds een stukje noordelijker te trekken. Inmiddels ook niet meer zeer zeldzaam, maar gewoon zeldzaam.

De klimopbij is een zijdebij en verzameld alleen nectar van de klimop. Aangezien de klimopplant in het najaar bloeit, komt deze bij ook in het najaar alleen maar voor.
Ik heb een grote klimophaag en het is nu al een aantal jaren op rij prijs wat betreft deze bij. En dat kan lang niet iedereen zeggen.
Een mooie wollige goudgele bij, met het achterlijf streepjes in zwart en goudgeel.

We hebben hier in het zuiden ook een sprinkhaan genaamd “het zuidelijk spitskopje”.

In tegenstelling tot het gewoon spitskopje, komt deze soort (de naam zegt het al) alleen in zuid-Nederland voor.
Inmiddels echter geen zeldzame soort meer.

In de tuin is het nu echt elke dag verrassend. Deze zomer zijn er al verschillende malen niet alleen de gangbare beestjes te zien, maar ook heel bijzondere en/of nieuwe soorten die ik niet eerder zag.
Gisteren bijvoorbeeld zag ik een goudwesp. Een nieuwe soort voor mij. Ik zag altijd alleen maar van die hele kleintjes, maar deze was een stuk groter en ook heel anders gekleurd.
De naam van deze goudwesp is Hedychrum nobile.

Maar vandaag werd ik verrast met een gast die me wel al bekend was.
Weten jullie nog, 2 jaar geleden, dat ik de eerste waarnemer in Nederland was van een bloedrode sluipvlieg genaamd Cylindromyia bicolor. In eigen tuin, een nieuwe soort voor Nederland ontdekt.
Vorig jaar heb ik er geen gezien, maar vandaag kwam ik haar weer tegen. En wéér in eigen tuin.

Ben benieuwd wat er nog meer op mijn pad komt.
Zonnig was het niet, deze donderdag. En het was ook niet zo warm als de weermannen ons beloofd hadden.
Toch trok ik vandaag de weilanden in bij Watersley en Kollenberg te Sittard. En ondanks het gebrek aan zon, had ik geluk wat de vlinders betrof.
Het lukte me om één van de vele Icarusblauwtjes op de foto te zetten.

En niet alleen van de buitenkant. Dit vlindertje liet zich mooi benaderen en deed ook zijn vleugeltjes spreiden. Prachtig gaaf en blauw.

En vandaag had ik mazzel want deze keer trof ik wél een geelsprietdikkopje. Het beestje ziet er eigenlijk hetzelfde uit als het zwartsprietje maar dan met gele of roodachtige sprieten.

Ook een verschilletje is dat deze op de rode lijst van dagvlinders staat.

Het beestje bleef ook mooi zitten toen ik voorzichtig naar zijn voorkantje liep wat toch een heel grappige foto opleverde. Dat vind ik persoonlijk tenminste.
Er waren ongelooflijk veel vlinders en insecten aanwezig deze donkere dag.
Een natuurgebied dat bij Roosteren in Limburg hoort, en tegen de Belgische grens aanligt, heet De Rug. Het ligt langs de Maas met aan de andere kant van de rivier het leuke plaatsje Maaseik.
Een gebied waar langharige koeien uitgezet zijn en Konikpaarden voltallig aanwezig zijn.

Hoewel de Konikpaarden aan de andere kant van een drukke weg in de weer waren en dat gebiedje heet dan weer anders, namelijk Kokkelert. Hier wilde ik aanvankelijk gaan wandelen want een paar weken geleden zag het er hier heel aantrekkelijk uit. Nu was echter alles gesnoeid en was er op de paarden na geen leven meer te bespeuren.
Snel dus naar De Rug, waar alles vol staat met bloeiend kruid.

Het hele gebied ziet eruit als dit, met dierenpaadjes erdoorheen. Een garantie voor veel insecten. Zo waren er giga veel bruine zandoogjes en ook heel veel distelvlinders van de partij.
Maar ook citroenvlinders, dagpauwogen en kleine vosjes.

Een bekend geluidje hoor ik niet ver bij me vandaan … Een vogeltje dat haar territorium al ratelend verdedigt. Een vrouwtje roodborsttapuit houdt mij goed in de gaten.

Ik heb echter meer oog voor een heel klein dikkopje. Zal het een geelsprietdikkopje zijn?

Nee helaas, het is een zwartsprietdikkopje … Hoewel die eigenlijk net zo leuk zijn, maar dan wat meer voorkomend.
Een stukje verderop zie ik nog zo’n dikkopje.

Van deze ben ik niet zeker … zijn sprieten hebben wel wat kleur, maar ook weer niet heel duidelijk.
Om me heen vliegen minstens 5 torenvalkjes … zouden het nog jongen zijn? Ze maken allerlei vreemde geluiden en blijven ook bij elkaar in de buurt. Behalve eentje. Die zit in alle rust om zich heen te koekeloeren op een dode boom.

Zo is er hier van alles te zien … op een paar hectare onkruid.
Na een blik op de kerk van Maaseik houd ik het voor gezien. Misschien kom ik nog een keertje hier naar toe, wie weet.
